linkedin
facebook
twitter

Interview Mark Verra

Door: Sophie Asberg, auteur van het jeugdtennisboek ‘Zeker een Beker, de enige coach die in je tennistas past’ (www.zekereenbeker.nl), freelance redacteur en tennislerares.

Interview: Mark Verra
Licentie A (1994) en B (1996)
Bedrijf: Tennisagent
Voorzitter VNT

HOE GAAT HET MET de Vereniging van Nederlandse Tennisleraren? (VNT)

Hoe gaat het met de VNT’? Deze vraag wordt Mark Verra, de nieuwe voorzitter van de VNT en opvolger van Pons Jan Vermeer en Dignus van de Vijver (voorzitter ad interim), weleens gesteld. En dan antwoordt hij steevast: ‘We hebben een tijd stil gestaan, daar kon ik niks aan doen, maar we zijn hartstikke druk bezig.!’ En dat klopt. Aan het einde van het gesprek dat ik op een zondagmiddag in november met Verra heb, kan ik niet anders concluderen.
Het is geen geheim dat de VNT wiebelige jaren achter de rug heeft. Het bestuur was afgebrokkeld tot twee man en Anette Skraastad, de officemanager die altijd veel voor haar rekening nam, ging emigreren. Dan kun je niet anders dan alleen de ballen hooghouden. Ruimte voor groei en nieuwe plannen was er niet. Gelukkig is dit verleden tijd en krijgt de vereniging weer meer vaste voet aan de grond. Er zit inmiddels een vernieuwd bestuur, er is een nieuw kantoor op Papendal en het bestuur draagt bedrijfskleding, in de woorden van Verra ‘een nieuw pakkie’. Naast Verra zien we Dirk Jan Blom, Dignus van de Vijver, Loet Baard en Hanneke van Dellen (officemanager). Met Verra neem ik een kijkje achter de schermen van de VNT.

Hoe ben je in de tenniswereld terecht gekomen? “Ik werkte al een aantal jaren voor de belastingdienst maar dat beviel me niet meer. Ik besloot toen iets anders te gaan doen en dat werd de tennislerarenopleiding. Met mijn licentie op zak ben ik – in loondienst – begonnen bij TV Strokel in Harderwijk, en daarna heb ik van alles voorbijzien komen, van kleine tot grote verenigingen. Ondertussen zat ik middenin de tijd dat we min of meer gedwongen werden om als ZZP-er te gaan werken want de loondienst verbanden voor de tennisleraar verdwenen en tennisscholen en grote detacheerders kwamen op. Zelf had ik erg veel werk en voordat ik het wist had ik mijn eigen tennisschool, het huidige Tennisagent. Tennisagent is overigens begonnen als een website waarop ik trainers, verenigingen en competitiespelers probeerde te matchen. Eigenlijk is vanaf het moment dat ik tennisleraar ben, mijn interesse gegroeid om ook meer rondom het tennis te organiseren.” Lachend: “En nu ben ik voorzitter van de VNT!”

Hoe is dat zo gekomen en wat waren jouw drijfveren? “Ik heb eigenlijk nooit een drijfveer gehad om voorzitter te worden. Ik ben er min of meer ingerold. Het begon met een ontmoeting met Pons Jan Vermeer, destijds de voorzitter van de vereniging. Wij raakten aan de praat op een jubileum van de VNT. Ik deelde met hem mijn ergernis en zorg dat er geen systeem bestond om de kwaliteit van de tennisleraar op peil te houden. Ik wilde daar graag wat aan doen. Samen met Pons Jan heb ik toen onderzocht of wij een certificeringssysteem konden ontwikkelen, maar het bleek geen haalbare kaart want het was te kostbaar. Later heb ik geprobeerd het nieuw leven in te blazen maar dat lukte ook niet. Kortom, ik deed werk voor de VNT, maar ik zat niet in het bestuur. Inmiddels was er een werkgroep Permanente Ontwikkeling in het leven geroepen waarin Maria van Erp en Pons Jan namens de VNT zitting namen. Toen Pons Jan ging stoppen, vroeg hij mij om in zijn plaats deel te nemen, en dat heb ik gedaan. Rond 2013 trad ik dan wel eindelijk toe tot het bestuur maar nog steeds was het voorzitterschap niet iets wat ik per se ambieerde. Eigenlijk heeft Dignus mij een beetje over de streep getrokken.”

‘Van ‘niets’ ‘iets’ maken is typerend voor mij’

Oké en nu ben je een tijdje voorzitter. Hoe vul jij die positie in? Hoe beweeg jij je binnen het bestuur? “Ik organiseer graag en ik vind het leuk om met nieuwe ideeën te komen èn aan de uitvoering mee te werken. Van ‘niets’ ‘iets’ maken is typerend voor mij. Ik heb niet echt een leidende rol, behalve dan in vergaderingen. Verder hoop ik ook te kunnen stimuleren.”

‘We zijn nu op allerlei manieren bezig om onze zichtbaarheid te vergroten’

Wat wil de VNT doen om nieuwe leden aan te trekken? “In ieder geval werken aan onze zichtbaarheid. Wij vinden dat we de afgelopen jaren te weinig onze neus hebben laten zien. We zijn nu op allerlei manieren bezig om onze zichtbaarheid te vergroten. Zo organiseren wij bijvoorbeeld op zondag 11 februari 2018 het VNT seminar (gratis voor VNT leden en 6 PO punten). Daar gaan we alle onderwerpen naar voren brengen waaraan we willen werken. Wat we ook doen om ons meer zichtbaar te maken, is samenwerken met organisaties die cursussen aanbieden. In ruil daarvoor doen wij hun administratie en maken wij reclame. Andersom bedingen wij dat zij aan leden van de VNT korting geven op de cursussen. Als de vereniging een korting kan bieden dan gaat men wellicht nadenken over een lidmaatschap. Maar goed, dit zijn instrumentale samenwerkingsverbanden. Het liefst heb ik natuurlijk dat mensen naar ons toekomen.”

‘Ik wil dat we op de lange termijn de vakvereniging van tennistrainers worden’

Wat wil de VNT op de lange en korte termijn realiseren? “Ik wil dat we op de lange termijn de vakvereniging van tennistrainers worden met een ‘servicepunt’ waarbij je met allerlei zaken terecht kunt, zoals bijvoorbeeld juridische vragen, boekhouding, mediation, belastingaangifte en collectieve verzekeringen. Bij die dienstverlening, maar sowieso als VNT, zullen wij optimaler aan de tennisleraar kunnen leveren dan de KNLTB, omdat wij alléén de belangen van de tennisleraar behartigen en de KNLTB, die bijvoorbeeld ook verenigingen in haar portefeuille heeft, niet. Dat moet tennisleraren aantrekken. Wij hebben met elkaar afgesproken dat we in januari 2018 met een plan komen voor wat betreft het servicepunt.
We zijn ook bezig met verjonging. Veel jongeren hebben nooit van de VNT gehoord. Dat is zonde. Wij willen weten wat jonge tennistrainers graag willen. Ik ben daarom nu bezig om een commissie samen te stellen van jonge tennisleraren, die gaat onderzoeken wat de VNT voor jonge trainers kan doen en wat zij voor de VNT kunnen doen. Daar ligt denk ik een enorme markt. Op de korte termijn willen we ook onze bijscholingen opvoeren. Verder vind ik het belangrijk om snel te realiseren dat de kortingen die we geven een concreet iets worden en niet steeds wisselen. Ik wil dat mensen zien wat het waard is om lid te worden of te blijven van de VNT.”